SABAIDEE

vrijdag 28 maart 2014


Hallo in het Laotiaans, en als je het zegt, krijg je altijd een big smile terug en soms Bibi of Hello, maar veel Engels wordt er hier niet gesproken. Soms makkelijk, want we worden nooit aangehouden...de enige persoon die dat heeft gedaan, stond heel geleerd naar ons rijbewijs te kijken, waar hij natuurlijk niets van snapte. Het alfabet ziet er zo totaal anders uit, daar is geen kaas van te maken.

Langzaamaan komen we toch in de meest hete maand van het seizoen in Laos. Temperaturen komen op de dag regelmatig tegen de 40 graden. De avonden en vooral de ochtend zijn koel, prima om te slapen dus. Deze maand wordt ook gebruikt om massaal land af te branden, waardoor er over het hele land een rooksluier ontstaat, wat soms zelfs een rode zon tot gevolg heeft.

Als je iets wilt ondernemen, moet je dat 's morgens doen. In de middag sleept iedereen zich van terras naar terras om water te drinken (de meesten dan, want het Lao beer is erg lekker en niet te duur, dus ook dat wordt overal gedronken). De lokale bevolking houdt zich vanaf een uur of 11 alleen maar in de schaduw op, het liefst slapend. Tour-operators hebben van alles in de aanbieding: kajak, boottrip, grotten, watervallen, wandelen, klimmen, mountain biken, bezoeken van bergdorpjes, noem het maar op, maar voor dagtours is het simpelweg te warm.


NONG KHIAW

Dus ook in Nong Khiaw, een prachtig gelegen dorp aan de Nam Ou rivier. Linker- en rechteroever zijn verbonden door een brug vanwaar je een geweldig uitzicht over de rivier hebt.

We parkeren de auto bij een guesthouse; dit keer moeten we een halve kamer betalen voor het gebruik van toilet en douche. In eerste instantie wil de dame het geld al hebben voor alleen parkeren en een algemene koude douche en toilet, maar dat vinden wij te gek. Als we een halve kamer betalen, willen we die ook hebben. We maken een afspraak 3 dagen voor 100.000 kippetjes (Laos munt = kip). Geen gekke afspraak, een kamer heb je hier voor rond de 40.000 kip. Voor Europese begrippen spotgoedkoop, want 100.000 kip is rond de 9 euro.

Van de prijzen krijgen we hier trouwens toch geen hoogte, want

Gemiddelde prijs van
een Lao-diner is 3,50 euro
Een Lao-biertje 0,90
een kop koffie 2,00 soms zelfs meer
ontbijt met brood 3,50
een wit bloesje 6 euro
een paar slippers 7 euro
budget-accommodatie vanaf 3,50 euro per nacht
arbeidsloon automonteur: 3 uur met 2 man voor 15 euro
een liter diesel rond de euro! (2 x zo duur als Thailand)

In Nong Khiaw hebben we de omgeving verkend voordat we de auto parkeerden, want Ronald is het rijden meer dan zat! "Ik stap voorlopig niet meer in de auto!" En als die man niet wil...Alles wat we hier doen, doen we dus lopend. Ik plons nog wat heen en weer in de rivier, waarbij ik een slipper verlies. Dat schiet lekker op, want ik heb geen andere meer. Ronald is niet in beweging te krijgen. Ze hebben hier wifi dus hij is bezig met de computer, met de foto's, leest de kranten, zoekt van alles uit op internet (ook niet onbelangrijk) en leest en leest.

Ik stel nog een boottocht voor over de rivier, maar wat blijkt: die kan alleen met een overnachting of we moeten toch een kilometer of 12 heen en weer terug rijden. Zo'n zin heeft Ronald nou ook weer niet. Uiteindelijk vertrekken we de 4e dag richting Luang Prabang, de oude hoofdstad van Laos.


LUANG PRABANG

Wij hebben de coördinaten van een overnachtingsplek gekregen, die we ook andere reizigers niet willen onthouden: naast Tong Bay Guesthouse,
N 19.53.058
E 102.08.739

We komen uit bij een gebouw van de Italiaans Episcopaalse kerk (?) dat helemaal verlaten is, met een groot terrein en toiletten, uitkijkend over de rivier Nam Khan. Wat een geweldige plek in de meest toeristische stad van het land! 's Morgens vroeg worden we gewekt door het gezang van monniken. Hier hebben ze gelukkig de microfoon nog niet uitgevonden, het klinkt nu heel lieflijk.

De rivieroevers zijn bezaaid met restaurantjes en terrassen, barretjes waar het goed uit te houden is onder de bomen. We bezoeken het Koninklijk Paleis, waarvoor je je netjes moet kleden (lange broek en geen blote schouders, dus). Interessant om te zien, maar jammer dat je niet alles goed kunt bekijken. En camera's zijn verboden, dus geen foto's deze keer. Overal in deze romantische stad willen mensen ons meenemen per tuc-tuc. Ronald wrijft eens over zijn buik en schudt nee, dat wordt meestal heel goed begrepen. Als we een keer de auto bij ons hebben, wijst hij op de auto en zegt my tuc-tuc, wat de tuc-tuc-chauffeur doet uitroepen: ai, ai, een hotel tuc-tuc.


DE TAK BAT

De volgende morgen staan we heidens vroeg op: om 06.00 uur gaan de monniken bij de kloosters op pad met hun bedelnap, aangekondigd door trommelslagen. Gelovigen en toeristen zitten langs de kant van de weg op de knieën en geven de monniken eten. Een stille oranje processie in de ochtendschemering fleurt de stad op. Magnifiek gezicht! Toeristen moeten op een redelijke afstand blijven, wat niet iedereen lukt.

Het is nog heerlijk koel en we besluiten om er direkt achter aan naar de beroemdste tempel van Luang Prabang te gaan, de Wat Xieng Thong. Deze toeristische trekpleister hebben we nu voor ons alleen. Het klooster dateert uit 1560 en kenmerkt zich door het dak dat schuin naar de grond loopt. Er ligt een hoofdtempel met drie kleinere kapels, waarop schitterende mozaïeken zijn afgebeeld.

Uiteindelijk komen we terecht bij Le Banneton, een Franse bakkerij met baguettes en de heerlijkste croissants van heel Laos. Dat is lang geleden! We ontmoeten er een Zwitsers echtpaar, dat hier hun 3-maandelijkse fietsreis afsluit door Zuidoost Azië. Een heel ondernemend stel, dat al in de zeventiger jaren vanuit Frankrijk naar Kaapstad is gereisd met hun oude Volkswagen. Een heel ander verhaal dan tegenwoordig. Ze hebben een heel ander Afrika gezien, met meer wilde dieren en slechtere wegen. Maar in die tijd wel veiliger.


TAT KUANG SI

Het is nog steeds vroeg als we naar de watervallen in de omgeving gaan. De meeste staan droog, maar deze vloeit nog steeds en we kunnen er zwemmen. Niet alleen zalig met deze temperaturen, maar nog eens extra als je niet over een douche kunt beschikken. Ik ben de allereerste die zich in het ‘zwembad' waagt. Het is nl. nogal frisjes, maar alleen de gedachte aan de middaghitte is genoeg voor mij om er in te plonzen. En onder de watervallen te gaan staan. Oh, wat hou ik toch van zwemmen en water!!

Ronald verklaart me voor stapelgek en neemt er de tijd voor, maar komt uiteindelijk toch. Omdat het nog vroeg is, hebben we de watervallen een uurtje voor onszelf. Daarna wordt het drukker en we besluiten te vertrekken. We gaan nog even langs de zwarte beren, die hier een afgeschermd stuk ‘jungle' hebben. Mooie dieren om te zien, maar nergens meer te bekennen in de natuur van Laos. Net als in Thailand maakt de natuur een doodse indruk: nauwelijks vogels of kleine dieren, laat staan de grotere. Olifantentours kun je overal maken, maar wilde olifanten bestaan niet meer. En die tijger? Die is waarschijnlijk ergens opgezet ...


OCK POP TOCK (oost ontmoet west)

Hier kun je mensen aan het werk zien, die van zijde niet alleen sjaals, maar zelfs hele wandtapijten maken. Vol bewondering kijk ik toe. De zijde wordt hier op natuurlijke wijze geverfd in de meest uiteenlopende tinten. Van allerlei materialen - geelwortel ligt voor de hand, maar een roestige spijker? Ze zijn beroemd om de indigo tinten.

Je kunt hier ook een cursus volgen, maar ik krijg het al benauwd als ik er naar kijk. Een matje vlechten vind ik al een kunst, maar al deze fijne draadjes....dat is net iets voor mij om die in de knoop te krijgen. Ieder zijn vak. In de winkel kan ik uren kijken, wat een mooie dingen. Voor Ronald vinden we een zijden shawl, ik vind een tas, geverfd in indigo. Die wandtapijten, daar zou ik er best een van willen hebben, maar zonder huis om ze op te hangen, wordt de keuze wel heel moeilijk. Ze hebben nog twee winkels in Luang Prabang met een andere collectie, dus daar ga ik ook nog even snuffelen.

Ze hebben hier ook (natuurlijk, zou ik haast zeggen) een bar/restaurant aan de rivier op een heerlijk rustige plek. Dan wordt er een kaart bij ons neergezet: ze hebben hier ook een high tea. Nu even niet, maar daar komen we voor terug en twee dagen later smullen we hier van weer eens even iets heel anders. Daarna hoef je voorlopig niet meer te eten.


VIETNAM - 1

We kunnen in Luang Prabang ook visa regelen voor Vietnam, er is hier een consulaat. Een visum is inderdaad geen probleem, maar de auto wel. Daar waren we al bang voor. Waarom is ons een raadsel, maar Vietnam laat geen auto's toe met een buitenlands kenteken. We kopen het visum toch, misschien vinden we toch nog wel een manier. We krijgen het mailadres van het ministerie van transport, je weet maar nooit. Verder hebben we te horen gekregen dat er een grenspost is, waar buitenlandse motorrijders tot Vietnam toegelaten worden, als ze er via dezelfde grenspost weer uitrijden. Alleen valt die auto van ons natuurlijk wel op, dus of dat gaat? En dan schijnt er nog een buro te zijn dat misschien een permit kan regelen. Afwachten dus.


DE NACHTMARKT

Zoals in veel stadjes is er hier ook een nachtmarkt. Meestal ook een aanrader om een hapje te eten. Maar hier niet. We proberen een aantal gerechten maar het smaakt allemaal hetzelfde. Bovendien zit je hier in een soort steeg in de warmte. Nee, dat is niet voor herhaling vatbaar. We gaan een terras verderop waar we als dessert een heerlijk ijsje nemen.

Waar ik wel van te kijken sta, is de hoeveelheid bloesjes, sarongs, shawls, tapijten, T-shirts enz. De ene helft van de bevolking verkoopt het aan de andere helft en de toeristen. Voor een habbekrats koop ik een luchtig bloesje en een paar slippers. Een goed deel van alles komt waarschijnlijk uit China.


We overwegen nog om een massage/spabehandeling te nemen, maar zien er van af, als we horen, dat er geen airco is, alleen maar fans. Tja in deze hitte aan je laten friemelen is niet mijn ding. Maar bij gebrek aan een koude douche willen we toch iets anders. Er is hier nog ergens een bar met zwembad. Kijk! Dat lijkt ons wel wat. Als we het uiteindelijk gevonden hebben, ziet het er heel gezellig uit. Dat verandert binnen een goed uur. Helemaal vergeten, dat het zaterdag is. Dan kun je natuurlijk een horde kinderen verwachten. En dat gaat allemaal in hun kleren het water in. We nemen een douche en vertrekken. Jammer!

We zwerven nog wat door de stad, maar hebben zo'n beetje alles wel gezien. Alleen het UXO (over niet ge-exolodeerde bommen) nog niet. En dat gaat niet gebeuren ook, want het is gesloten tot maandag. Dan maar in Vientiane. De volgende morgen gaan we verder naar het zuiden en komen via een weg door de bergen bij Vang Vieng terecht. Een tochtje van maar liefst 7 uur.

Voor we het stadje inrijden, zien we een bord Eco-lodge en besluiten dit eens te proberen. En zo vinden we een plek aan de rivier waar de auto kan staan. 's Avonds komt de hele bevolking langs om zich te wassen en de was te doen. Ze gaan naar de overkant met een wrakkig bootje om groente op te halen die aan de andere kant verbouwd wordt. Wat een stekje! Er is een restaurantje bij, helemaal goed.


VANG VIENG

Na een verfrissende ochtendduik gaan we de volgende morgen gaan we het stadje eens bekijken. En weten niet wat we zien. Het dorp zit tjokvol westerse jongelui, waarvan het merendeel op kussens voor grote TV's hangt. De ene bar heeft ‘Friends' op en in een andere een film. Iedereen ligt op apegapen. Als we ergens wat drinken, ontmoeten we nog een Nederlands echtpaar, dat op reis is. Ook zij verbazen zich er over. In de middag nemen we afscheid om ons heel rap weer naar de rivier te begeven. Tjonge wat is dat water lekker koel! Er komt zowaar nog een Nederlander langs, waar we een aantal keer mee eten. En de mannen drinken natuurlijk. Ger is bijna aan het eind van zijn 6 maanden durende reis en ziet uit naar het weerzien met zijn vriendin. Ons kost het veel moeite om van hier te vertrekken, maar na een dag of 3/4 gaan we richting


VIENTIANE

Waar ik mijn verjaardag vier met een prima etentje in een Frans restaurant. We bedenken waar de vorige verjaardagen ook al weer waren:

57 in Argentinië
58 in Ecuador
59 in Turkije
60 in Zuid-Afrika
en dus 61 in Vientiane

We hebben een hotel met airco en dat is maar goed ook. De temperatuur is hier 44 graden, stomend heet. We kijken er rond maar zijn niet bijzonder onder de indruk. Vanaf een uur of 10 kun je ook niet veel meer en in de middag ligt de halve stad plat. We zien er de oudste tempel met maar liefst 2051 (!) boeddha's, maar wat het meest indruk maakt, is

COPE

Laos is het zwaarst gebombardeerde land ter wereld. In 1964 viel de USA het (neutrale) land binnen zonder oorlogsverklaring. Tot op de dag van vandaag vallen er slachtoffers door de vele clusterbommen, die nog steeds niet zijn geëxplodeerd. Van het overal in de grond aanwezige materiaal worden allerlei gebruiksvoorwerpen gemaakt. Het gevonden afval wordt dus verkocht en is veel waard. Ook veel kinderen zoeken in de grond en op deze manier vallen veel slachtoffers. Maar ook bij het bewerken van de akkers enz.

Vooral in het noordoosten is het niet veilig om je buiten de gebaande wegen te begeven. De foto's en films, maar ook de getoonde protheses die hier gemaakt worden, maken een onuitwisbare indruk. Dit museum zou verplichte kost moeten zijn voor alle wereldleiders. Want deze bommen worden nog steeds gebruikt!!

Kunstwerk van fragmentatie bommen


AUTOPERIKELEN

In Vientiane is een goede Toyota garage - gelukkig want er zijn toch wat kleinigheden: de airco lekt vocht bij de voorstoel. Wat blijkt: het hele rooster zit dichtgeslibd met bagger en troep. Na schoonmaken niks meer aan de hand. Ook laat Ronald de kruiskoppeling nakijken, want daar is speling op. We hebben er nog een bij ons, maar het probleem ligt bij de as. Arbeid is spotgoedkoop, maar reserve-onderdelen, zelfs 2e-hands zijn schreeuwend duur. Maar ook dit wordt opgelost.

Onderweg naar het zuiden overnachten we bij Paksan aan de Mekong Rivier. Een heel rustig plekje bij een kerkhof (daar heb je weinig last van, ze praten niet). Een paar kinderen komen even langs en verder staan we er heerlijk. Tot de volgende morgen: Ronald start de auto en die start niet! Dat zijn we niet gewend. De accu's hebben genoeg vermogen, we halen het handboek erbij, maar komen niet veel verder. Dan meet Ronald de ampères en dat klopt niet. Toch een nieuwe accu nodig. Tot er iemand van het dorp komt informeren wat er is. Als Ronald uitlegt, dat er waarschijnlijk een nieuwe accu nodig is, wijst de man op de andere accu. En ja, de 2e batterij voor de elektriciteit e.d. schakelen we in en hij start! We kunnen weer verder en worden enthousiast uitgezwaaid.

We besluiten z.s.m. naar een nieuwe accu te gaan kijken, maar waar ? in Laos zien we het somber in. Ze hebben hier vast geen gel-accu's. Gelukkig start de auto de volgende morgen . Wel iets om in de gaten te houden.


DE THAM KONG LO

Is een riviergrot van zo'n 7,5 kilometer lang. Alleen de weg er naar toe rijden is al geweldig, wat een landschap! Bij de grot aangekomen, gaan we op een wankel bootje de grot in varen. We hebben gezelschap gekregen van een Belg om de kosten te delen. Hij beweert dat hij ons al 3 x tegen is gekomen en dat zou zomaar kunnen. De grot is zo groot als een cathedraal en op 1 plek schitterend verlicht. Voor de rest hebben we een kleine koplamp gekregen, maar Ronald heeft ook ons eigen lantaarn nog meegenomen. Doordat het water laag is, moeten we regelmatig uitstappen en de boot over de bedding en watervallen slepen. Soms in het stikdonker. Maar aan het eind is er licht en vandaar kunnen we nog naar een cultureel dorp wandelen. Met zijn drieën besluiten we weer terug te varen, we hebben alle geld veilig opgeborgen in de auto, dus kunnen er toch niets kopen.

We mogen niet kamperen bij de grot, er zou gevaar zijn, dat de bomen omvallen en de auto beschadigen. Tja, dan maar niet. Het is wel een mooie stek. We rijden wat rond en komen op het terrein van de Eco-lodge. We rijden en rijden, maar zien geen gebouwen of mensen. We parkeren de auto op weer een fantastische plek. Aan het eind van de dag komen de dorpsbewoners groenten halen uit de groentetuinen, het vee wordt huiswaarts gedreven. En dan hebben we de hele plek voor onszelf.


DE ‘LOOP'

Er loopt een circuit van wegen en paden rond de grot. Er is een stuk off-road bij en dat moeten we natuurlijk proberen. Het traject levert weinig problemen op, want er wordt hard aan de weg gewerkt. Een stuk van zo'n 62 kilometer is nog off-road, maar niet te vergelijken met wat we al zoal gereden hebben. Wel door een adembenemend landschap! En onderweg komen we ook langs het meest trieste: er wordt hier een dam gebouwd. Voor ons ligt een grote watervlakte met allemaal afgestorven bomen. Daar worden we stil van. Laos verliest in rap tempo door illegale houtkap zijn regenwoud. Waarom ze hier niet eerst weggehaald?

Ook komen we nog een bord tegen waarop gewaarschuwd wordt voor onontplofte explosieven. Maar verreweg het gevaarlijkst op het hele circuit zijn waarschijnlijk de Vietnamese truckers. Twee van die gasten halen in, terwijl we op de andere baan aan komen rijden. Een snelle manoeuvre van Ronald voorkomt erger. Ook 2 mini-busjes razen elkaar net voorbij. De grenspost met Vietnam sluit om 18.00 uur en dat moeten ze waarschijnlijk halen, maar om dan met gevaar voor andermans leven te scheuren...We eindigen deze trip bij de Travel Lodge in Tha Khaek, waar ze nog net een hoekje voor ons over hebben.

Als de auto de volgende morgen net aan start, is dat weer een hele opluchting. We moeten toch rap aan nieuwe accu's. Gelukkig vinden we die in Savannakhet, na zo ongeveer de hele plaats doorkruist te hebben. Natuurlijk zijn de specificaties weer net wat anders en Ronald wacht tot hij naar de garage in Nederland kan bellen. Dan gaat hij aan het onderhandelen en in de loop van de middag rijden we zonder problemen de stad uit. En blijven rijden. En rijden. En rijden. Steeds sneller, want het wordt donker en donkerder. Dat wil je echt niet in Laos. Nauwelijks verlichte auto's, onverlichte brommers en motoren, koeien, kippen, honden en dan zijn er nog de tuc-tuc's, uiteraard ook zonder licht. Ronald krijgt het knap benauwd als hij er nog maar net een tuctuc weet te ontwijken. En ook die koeien zaten in de gevarenzone, een kip is gaan hemelen, maar uiteindelijk komen we in Pakse. Hier hebben we geen andere mogelijkheid dan in een hotel te overnachten, waar ook de auto nog eens veilig geparkeerd kan worden.


VIETNAM - 2

We gaan definitief Vietnam niet in. We hebben te horen gekregen, dat een permit mogelijk is om het land binnen te komen tegen het luttele bedrag van 1800 euro'tjes. Voor 1 weken dan wel...en aangezien je al gauw een maand nodig hebt om dit land te zien, gaat het dat dus niet worden. Vietnam hoeven we niet door om naar een volgend land te komen. Eenzelfde bedrag moeten we waarschijnlijk betalen om door Myanmar te mogen(!) rijden naar India. Ook Tibet en China rekenen voor overlanders bedragen van 150 dollar per dag. Nog even en je kunt deze reis niet eens meer maken.

 

 

Plaats reactie


Naam 
E-mailadres *
Uw reactie *
Los deze vraag op 
Antwoord *
 
* Betekent verplicht veld.

OVER ONS

Ronald en Rini Brouwer

Reizen hebben we altijd graag gedaan en we hebben dan ook al aardig wat landen gezien. Een echte wereldreis maken was altijd een droom, die we nu waar maken. In 2009 hebben we de beslissing genomen: we gaan een wereldreis maken.


Archief berichten

Laatse video: Processie Yazd Iran

http://www.youtube.com/v/YuSRrKGrQNM

Bekijk alle videos »